1. BUITEN DE BAAN (OUT OF BOUNDS)

Buiten de baan is aangegeven met witte palen of wit geschilderde hekdelen.

2. VASTE OBSTAKELS

Alle markeringspalen van waterhindernissen en GUR, alsmede afstandspalen en aangepaalde bomen of bomen voorzien van een blauw lint, zijn vaste obstakels. Indien er sprake is van belemmering door deze obstakels mag de belemmering ontweken worden volgens regel 24-2b.
LET WEL: het uitnemen van genoemde palen is verboden.

3. WATERHINDERNISSEN

Alle waterhindernissen op de baan zijn voorzien van markeringen. Dit houdt in dat de rabatten [dit zijn de sloot-vormige structuren ter hoogte van hole 6, 7 en 11] als door de baan beschouwd moeten worden.

4. AARDEN WAL LINKS VAN DE GREEN VAN HOLE 11

Indien een bal, die tegen de aarden wal links van de green van hole 11 ligt onspeelbaar verklaard wordt, mag de speler besluiten te handelen volgens de normale procedure [regel 28], of, met bijtelling van 1 strafslag, een bal droppen in de droppingzone links van de wal.

5. GROND IN BEWERKING [GUR]

Het is verboden te spelen uit gebieden die als GROND IN BEWERKING zijn aangemerkt. Gebieden van GUR worden aangegeven door middel van blauwe palen of door wit omlijnde gebieden waarin een of meer blauwe palen geplaatst zijn. Ontwijken volgens regel 25-1b.

6. PER ONGELUK BEWOGEN BAL [MERKER] OP DE GREEN [Regels 18-2, 18-3 en 20-1]

De plaatselijke regel zoals gepubliceerd op de informatieborden is van toepassing.

Straf bij overtreding van bovenstaande plaatselijke regels:
Matchplay: Verlies van de hole.
Strokeplay: Twee slagen.

7. AFSTANDSMETERS

Een speler mag afstanden bepalen met een afstandsmeter. Indien een speler tijdens een vastgestelde ronde een afstandsmeter gebruikt om ook andere gegevens te bepalen die zijn spel zouden kunnen beïnvloeden, overtreedt hij Regel 14-3.

Straf bij overtreding van deze regel:
Matchplay: Verlies van de hole;
Strokeplay: Twee slagen. Bij een volgende overtreding: Diskwalificatie

8. TIJDELIJKE PLAATSELIJKE REGELS

Als er Tijdelijke Plaatselijke Regels van kracht zijn staan deze vermeld op de informatieborden.

OVERIGE INFORMATIE

Op alle holes worden afstanden tot het midden van de green aangegeven door:
• Houten palen aan de rechter en/of linker kant van de fairway op 100 en/of 150 meter, en
• door middel van afstandsplaatjes op de sprinklerdeksels in de fairway

Indien een Dropping Zone aangegeven is d.m.v. een bord moet binnen 1 stoklengte van dit bord gedropt worden.

De voorgreens, aprons en greens zijn gebieden die niet met een trolley of buggy betreden dienen te worden.

Buggy’s dienen op de holes 6, 7 & 11 de paden te volgen.

Repareer uw pitchmarks, herstel uw divots, en gebruik de bunkerhark om zo ieders plezier in de baan te vergroten.

Back to top